← Jeugd van Jezus (Geboorte)

  1. De terugkeer van Maria naar Nazaret

    Het artikel onderzoekt de terugkeer van Maria naar Nazaret na haar bezoek aan Elisabet. Maria kent de profetieën en is aanwezig bij de geboorte van Johannes, die zijn toekomstige rol in Gods plan bevestigt. Na de pelgrimstocht voor Pesach keert zij met haar familie terug.

    Lukas 1.56 (De Heilige Schrift 1917) :
    En Maria bleef bij haar omtrent drie maanden, en keerde weder tot haar huis.
    Verder lezen
  2. De reis naar Betlehem

    Jozef en Maria reizen van Nazaret naar Betlehem voor een volkstelling die volgens de profetie met de geboorte van de Messias zou samenvallen. Ondanks Maria's vergevorderde zwangerschap leggen zij 137 km af, gepland voor het Loofhuttenfeest. Alleen Lucas documenteert deze reis in de Bijbel. Na de zware tocht beginnen Maria's weeën, waardoor hun aankomst overeenkomt met de profetieën.

    Lukas 2.3-5 (De Heilige Schrift 1917) :
    En zij gingen allen om beschreven te worden, een iegelijk naar zijn eigen stad.En Jozef ging ook op van Galilea, uit de stad Nazareth, naar Judea, tot de stad Davids, die Bethlehem genaamd wordt, (omdat hij uit het huis en geslacht van David was);Om beschreven te worden met Maria, zijn ondertrouwde vrouw, welke bevrucht was.
    Verder lezen
  3. De genealogie of de genealogieën

    Het artikel onderzoekt Jezus' genealogieën bij Matteüs en Lucas, die zowel zijn koninklijke afstamming via Jozef als zijn menselijkheid via Maria weerspiegelen. Deze aanvullende verhalen benadrukken Jezus' goddelijke en menselijke tweeledigheid en versterken zijn messiaanse legitimiteit.

    Mattheüs 1.1-17 (De Heilige Schrift 1917) :
    Het boek des geslachts van JEZUS CHRISTUS, den Zoon van David, den zoon van Abraham.Abraham gewon Izak, en Izak gewon Jakob, en Jakob gewon Juda, en zijn broeders;En Juda gewon Fares en Zara bij Thamar; en Fares gewon Esrom, en Esrom gewon Aram;En Aram gewon Aminadab, en Aminadab gewon Nahasson, en Nahasson gewon Salmon;En Salmon gewon Booz bij Rachab, en Booz gewon Obed bij Ruth, en Obed gewon Jessai;En Jessai gewon David, den koning; en David, den koning, gewon Salomon bij degene, die Uria's vrouw was geweest;En Salomon gewon Roboam, en Roboam gewon Abia, en Abia gewon Asa;En Asa gewon Josafat, en Josafat gewon Joram, en Joram gewon Ozias;En Ozias gewon Joatham, en Joatham gewon Achaz, en Achaz gewon Ezekias;En Ezekias gewon Manasse, en Manasse gewon Amon, en Amon gewon Josias;En Josias gewon Jechonias, en zijn broeders, omtrent de Babylonische overvoering.En na de Babylonische overvoering gewon Jechonias Salathiel, en Salathiel gewon Zorobabel;En Zorobabel gewon Abiud, en Abiud gewon Eljakim, en Eljakim gewon Azor;En Azor gewon Sadok, en Sadok gewon Achim, en Achim gewon Elihud;En Elihud gewon Eleazar, en Eleazar gewon Matthan, en Matthan gewon Jakob;En Jakob gewon Jozef, den man van Maria, uit welke geboren is JEZUS, gezegd Christus.Al de geslachten dan, van Abraham tot David, zijn veertien geslachten; en van David tot de Babylonische overvoering, zijn veertien geslachten; en van de Babylonische overvoering tot Christus, zijn veertien geslachten.
    Verder lezen
  4. Het bezoek van de herders

    Dit alleen door Lucas (Lc 2,8-20) vertelde verhaal beschrijft het bezoek van de herders van Betlehem aan het kind Jezus, geleid door een lichtende engelenverschijning in de nacht van 13 oktober -2 v.Chr. Als enige getuigen van deze hemelse openbaring verlaten zij hun kudden om de Messias te aanschouwen. Hun bezoek troost Maria en Jozef, ver van hun families. In een eerste daad van evangelisatie keren de herders terug, verheerlijken God en getuigen van wat zij zagen.

    Lukas 2.8-20 (De Heilige Schrift 1917) :
    En er waren herders in diezelfde landstreek, zich houdende in het veld, en hielden de nachtwacht over hun kudde.En ziet, een engel des Heeren stond bij hen, en de heerlijkheid des Heeren omscheen hen, en zij vreesden met grote vreze.En de engel zeide tot hen: Vreest niet, want, ziet, ik verkondig u grote blijdschap, die al den volke wezen zal;Namelijk dat u heden geboren is de Zaligmaker, welke is Christus, de Heere, in de stad Davids.En dit zal u het teken zijn: gij zult het Kindeken vinden in doeken gewonden, en liggende in de kribbe.En van stonde aan was er met den engel een menigte des hemelsen heirlegers, prijzende God en zeggende:Ere zij God in de hoogste hemelen, en vrede op aarde, in de mensen een welbehagen.En het geschiedde, als de engelen van hen weggevaren waren naar den hemel, dat de herders tot elkander zeiden: Laat ons dan heengaan naar Bethlehem, en laat ons zien het woord, dat er geschied is, hetwelk de Heere ons heeft verkondigd.En zij kwamen met haast, en vonden Maria en Jozef, en het Kindeken liggende in de kribbe.En als zij Het gezien hadden, maakten zij alom bekend het woord, dat hun van dit Kindeken gezegd was.En allen, die het hoorden, verwonderden zich over hetgeen hun gezegd werd van de herders.Doch Maria bewaarde deze woorden alle te zamen, overleggende die in haar hart.En de herders keerde wederom, verheerlijkende en prijzende God over alles, wat zij gehoord en gezien hadden, gelijk tot hen gesproken was.
    Verder lezen
  5. De besnijdenis van het kind Jezus

    Lucas 2.21 vertelt over de besnijdenis van het kind Jezus, acht dagen na zijn geboorte in Betlehem. Volgens de wet van Mozes laten Jozef en Maria het kind besnijden en noemen het Jezus, zoals aangekondigd door de engel Gabriël. Deze Hebreeuwse naam (Yehoshua) betekent ‘de Eeuwige is redding’. Alleen Lucas vertelt dit, waarbij hij de menselijkheid van de Messias en zijn wortels in de Joodse traditie benadrukt.

    Leviticus 12.3 (De Heilige Schrift 1917) :
    En op den achtsten dag zal het vlees zijner voorhuid besneden worden.
    Verder lezen
  6. De reiniging van Maria

    Het artikel bespreekt Maria's reiniging na Jezus' geboorte, een Joods ritueel dat Jozef en Maria in de tempel van Jeruzalem volgen. Deze daad van toewijding en nederigheid, beschreven in Lucas 2:22-24, toont hun trouw aan de wet van Mozes ondanks hun bescheiden financiële middelen.

    Lukas 2.22-24 (De Heilige Schrift 1917) :
    En als de dagen harer reiniging vervuld waren, naar de wet van Mozes, brachten zij Hem te Jeruzalem, opdat zij Hem den Heere voorstelden;(Gelijk geschreven is in de wet des Heeren: Al wat mannelijk is, dat de moeder opent, zal den Heere heilig genaamd worden.)En opdat zij offerande gaven, naar hetgeen in de wet des Heeren gezegd is, een paar tortelduiven, of twee jonge duiven.
    Verder lezen
  7. De ontmoeting met Simeon

    De ontmoeting van de Heilige Familie met Simeon in de tempel van Jeruzalem, volgens het Evangelie van Lucas, versterkt Maria en Jozefs besef van Jezus' goddelijke opdracht.

    Lukas 2.25-35 (De Heilige Schrift 1917) :
    En ziet, er was een mens te Jeruzalem, wiens naam was Simeon; en deze mens was rechtvaardig en godvrezende; verwachtende de vertroosting Israels, en de Heilige Geest was op hem.En hem was een Goddelijke openbaring gedaan door den Heiligen Geest, dat hij den dood niet zien zoude, eer hij den Christus des Heeren zou zien.En hij kwam door den Geest in den tempel. En als de ouders het Kindeken Jezus inbrachten, om naar de gewoonte der wet met Hem te doen;Zo nam hij Hetzelve in zijn armen, en loofde God, en zeide:Nu laat Gij, Heere! Uw dienstknecht gaan in vrede naar Uw woord;Want mijn ogen hebben Uw zaligheid gezien,Die Gij bereid hebt voor het aangezicht van al de volken:Een Licht tot verlichting der heidenen, en tot heerlijkheid van Uw volk Israel.En Jozef en Zijn moeder verwonderden zich over hetgeen van Hem gezegd werd.En Simeon zegende henlieden, en zeide tot Maria, Zijn moeder: Zie, Deze wordt gezet tot een val en opstanding veler in Israel, en tot een teken, dat wedersproken zal worden.(En ook een zwaard zal door uw eigen ziel gaan) opdat de gedachten uit vele harten geopenbaard worden.
    Verder lezen
  8. De ontmoeting met Hanna

    Het artikel onderzoekt de ontmoeting tussen de profetes Hanna en Jezus in de tempel. Het benadrukt haar herkenning van de Messias en de geestelijke invloed van haar getuigenis op tempelbezoekers, in verband met de Joodse messiaanse verwachtingen.

    Lukas 2.36-38 (De Heilige Schrift 1917) :
    En er was Anna, een profetesse, een dochter van Fanuel, uit den stam van Aser; deze was tot groten ouderdom gekomen, welke met haar man zeven jaren had geleefd van haar maagdom af.En zij was een weduwe van omtrent vier en tachtig jaren, dewelke niet week uit den tempel, met vasten en bidden, God dienende nacht en dag.En deze, te dierzelfder ure daarbij komende, heeft insgelijks den Heere beleden, en sprak van Hem tot allen, die de verlossing in Jeruzalem verwachtten.
    Verder lezen
  9. De wijzen uit het Oosten ontmoeten Herodes

    Dit artikel onderzoekt de ontmoeting van de wijzen met Herodes, zoals beschreven in het Evangelie van Matteüs, en benadrukt het belang van deze gebeurtenis voor de bevestiging van Jezus' koningschap. Het bezoek wordt in zijn historische context geplaatst, waarbij de beweegredenen van de wijzen en de bedoelingen van Herodes worden onderzocht. Ook Jezus' geboorte en de historische en theologische betekenis ervan komen aan bod.

    Mattheüs 2.1-8 (De Heilige Schrift 1917) :
    Toen nu Jezus geboren was te Bethlehem, gelegen in Judea, in de dagen van den koning Herodes, ziet, enige wijzen van het Oosten zijn te Jeruzalem aangekomen.Zeggende: Waar is de geboren Koning der Joden? want wij hebben gezien Zijn ster in het Oosten, en zijn gekomen om Hem te aanbidden.De koning Herodes nu, dit gehoord hebbende, werd ontroerd, en geheel Jeruzalem, met hem.En bijeenvergaderd hebbende al de overpriesters en Schriftgeleerden des volks, vraagde van hen, waar de Christus zou geboren worden.En zij zeiden tot hem: Te Bethlehem, in Judea gelegen; want alzo is geschreven door den profeet:En gij Bethlehem, gij land Juda! zijt geenszins de minste onder de vorsten van Juda; want uit u zal de Leidsman voortkomen, Die Mijn volk Israel weiden zal.Toen heeft Herodes de wijzen heimelijk geroepen, en vernam naarstiglijk van hen den tijd, wanneer de ster verschenen was;En hen naar Bethlehem zendende, zeide: Reist heen, en onderzoekt naarstiglijk naar dat Kindeken, en als gij Het zult gevonden hebben, boodschapt het mij, opdat ik ook kome en Datzelve aanbidde.
    Verder lezen
  10. Het kind Jezus wordt door de wijzen aanbeden

    Het artikel bespreekt de aanbidding van Jezus door de wijzen, wijze vreemdelingen die door een ster naar Betlehem worden geleid. Zij erkennen Jezus' goddelijke koningschap en bieden hem geschenken aan, ondanks de bescheiden omstandigheden van zijn geboorteplaats. Dit verhaal toont de universele erkenning van Jezus als koning en benadrukt het geestelijke ontwaken van de wijzen, die in een droom worden gewaarschuwd niet naar Herodes terug te keren.

    Mattheüs 2.9-12 (De Heilige Schrift 1917) :
    En zij, den koning gehoord hebbende, zijn heengereisd; en ziet, de ster, die zij in het oosten gezien hadden, ging hun voor, totdat zij kwam en stond boven de plaats, waar het Kindeken was.Als zij nu de ster zagen, verheugden zij zich met zeer grote vreugde.En in het huis gekomen zijnde, vonden zij het Kindeken met Maria, Zijn moeder, en nedervallende hebben zij Hetzelve aangebeden; en hun schatten opengedaan hebbende, brachten zij Hem geschenken: goud en wierook, en mirre.En door Goddelijke openbaring vermaand zijnde in den droom, dat zij niet zouden wederkeren tot Herodes, vertrokken zij door een anderen weg weder naar hun land.
    Verder lezen
  11. De tweede droom van Jozef

    Het artikel behandelt de tweede droom van Jozef in Matteüs (Mt 2,13-15), waarin een engel hem opdraagt met Maria en Jezus naar Egypte te vluchten. Dit verhaal benadrukt de goddelijke bescherming en de cruciale rol van Jozef. Het onderzoekt de verschillen tussen Matteüs en Lucas en biedt historische en theologische inzichten.

    Mattheüs 2.13-15 (De Heilige Schrift 1917) :
    Toen zij nu vertrokken waren, ziet, de engel des Heeren verschijnt Jozef in den droom, zeggende: Sta op, en neem tot u het Kindeken en Zijn moeder, en vlied in Egypte, en wees aldaar, totdat ik het u zeggen zal; want Herodes zal het Kindeken zoeken, om Hetzelve te doden.Hij dan opgestaan zijnde, nam het Kindeken en Zijn moeder tot zich in den nacht, en vertrok naar Egypte;En was aldaar tot den dood van Herodes; opdat vervuld zou worden hetgeen van den Heere gesproken is door den profeet, zeggende: Uit Egypte heb Ik Mijn Zoon geroepen.
    Verder lezen
  12. Het verblijf in Egypte

    Het artikel onderzoekt het verblijf van de Heilige Familie in Egypte en belicht het Bijbelse verhaal van hun vlucht voor Herodes. Jozef, gewaarschuwd in een droom, leidt de vermoedelijk moeilijke reis van ongeveer 400 tot 500 kilometer. De analyse behandelt praktische aspecten, de bijdrage van de wijzen en de politieke context van die tijd, hoewel de precieze details van het verblijf onzeker blijven.

    Mattheüs 2.14-15 (De Heilige Schrift 1917) :
    Hij dan opgestaan zijnde, nam het Kindeken en Zijn moeder tot zich in den nacht, en vertrok naar Egypte;En was aldaar tot den dood van Herodes; opdat vervuld zou worden hetgeen van den Heere gesproken is door den profeet, zeggende: Uit Egypte heb Ik Mijn Zoon geroepen.
    Verder lezen
  13. De derde droom van Jozef

    Het artikel ‘PER025 - De derde droom van Jozef’ beschrijft een goddelijke openbaring in Matteüs 2.13-15. Jozef krijgt te horen dat hij na de dood van Herodes vanuit Egypte naar Israël mag terugkeren. Daarbij wordt aandacht besteed aan de gezinsverhoudingen en de politieke omstandigheden rond de terugkeer.

    Mattheüs 2.13-15 (De Heilige Schrift 1917) :
    Toen zij nu vertrokken waren, ziet, de engel des Heeren verschijnt Jozef in den droom, zeggende: Sta op, en neem tot u het Kindeken en Zijn moeder, en vlied in Egypte, en wees aldaar, totdat ik het u zeggen zal; want Herodes zal het Kindeken zoeken, om Hetzelve te doden.Hij dan opgestaan zijnde, nam het Kindeken en Zijn moeder tot zich in den nacht, en vertrok naar Egypte;En was aldaar tot den dood van Herodes; opdat vervuld zou worden hetgeen van den Heere gesproken is door den profeet, zeggende: Uit Egypte heb Ik Mijn Zoon geroepen.
    Verder lezen
  14. De terugkeer naar Nazaret

    Het artikel analyseert Jezus' terugkeer naar Nazaret en vergelijkt de verhalen van Matteüs en Lucas, die hun verschillende doelstellingen weerspiegelen. Matteüs richt zich tot Joden en noemt het verblijf in Egypte om een profetie te benadrukken. Lucas vermeldt het niet, omdat hij zich vooral tot een niet-Joods publiek richt.

    Hosea 11.1 (De Heilige Schrift 1917) :
    Als Israel een kind was, toen heb Ik hem liefgehad, en Ik heb Mijn zoon uit Egypte geroepen.
    Verder lezen
  15. Het twaalfjarige kind Jezus in de tempel

    Dit artikel behandelt de gebeurtenis in het Evangelie van Lucas waarbij Jezus op twaalfjarige leeftijd in de tempel onderricht geeft. Het belicht het samengaan van zijn goddelijke kennis en zijn menselijk leven en verklaart zijn geestelijke en lichamelijke groei. Lucas en de evangeliën laten zijn tienerjaren weg, een keuze die zijn gewone levensweg als goddelijke persoon moet benadrukken.

    Lukas 2.41-52 (De Heilige Schrift 1917) :
    En Zijn ouders reisden alle jaar naar Jeruzalem, op het feest van pascha.En toen Hij twaalf jaren oud geworden was, en zij naar Jeruzalem opgegaan waren, naar de gewoonte van den feestdag;En de dagen aldaar voleindigd hadden, toen zij wederkeerden, bleef het Kind Jezus te Jeruzalem, en Jozef en Zijn moeder wisten het niet.Maar menende, dat Hij in het gezelschap op den weg was, gingen zij een dagreize, en zochten Hem onder de magen, en onder de bekenden.En als zij Hem niet vonden, keerden zij wederom naar Jeruzalem, Hem zoekende.En het geschiedde, na drie dagen, dat zij Hem vonden in den tempel, zittende in het midden der leraren, hen horende, en hen ondervragende.En allen, die Hem hoorden, ontzetten zich over Zijn verstand en antwoorden.En zij, Hem ziende, werden verslagen; en Zijn moeder zeide tot Hem: Kind! waarom hebt Gij ons zo gedaan? Zie, Uw vader en ik hebben U met angst gezocht.En Hij zeide tot hen: Wat is het, dat gij Mij gezocht hebt? Wist gij niet, dat Ik moet zijn in de dingen Mijns Vaders?En zij verstonden het woord niet, dat Hij tot hen sprak.En Hij ging met hen af, en kwam te Nazareth, en was hun onderdanig. En Zijn moeder bewaarde al deze dingen in haar hart.En Jezus nam toe in wijsheid, en in grootte, en in genade bij God en de mensen.
    Verder lezen
  16. De kindermoord in Betlehem

    Het artikel onderzoekt de kindermoord in Betlehem door Herodes na het bezoek van de wijzen, zoals beschreven in Matteüs 2:16-18. Dit verhaal roept vragen op over het onwetend zijn van de godsdienstige leiders en over de impact van Herodes' beslissingen. Het gaat ook in op de gespannen politieke context van die tijd.

    Mattheüs 2.16-18 (De Heilige Schrift 1917) :
    Als Herodes zag, dat hij van de wijzen bedrogen was, toen werd hij zeer toornig, en enigen afgezonden hebbende, heeft omgebracht al de kinderen, die binnen Bethlehem, en in al deszelfs landpalen waren, van twee jaren oud en daaronder, naar den tijd, dien hij van de wijzen naarstiglijk onderzocht had.Toen is vervuld geworden, hetgeen gesproken is door den profeet Jeremia, zeggende:Een stem is in Rama gehoord, geklag, geween en veel gekerm; Rachel beweende haar kinderen, en wilde niet vertroost wezen, omdat zij niet zijn!
    Verder lezen