De geschiedenis van de kerstboom gaat terug op heidense tradities in Noord-Europa. De Kelten brachten bijvoorbeeld naaldbomen in verband met de vieringen van de winterzonnewende, als symbool van het leven en de wedergeboorte van de zon. Elk jaar versierden zij deze bomen met vruchten en korenaren.
In de middeleeuwen werd deze traditie door de christelijke kerk aangepast om de geboorte van Jezus Christus te vieren. In de achttiende eeuw begonnen Duitse protestanten dennentakken in hun huizen te brengen om ze te versieren, een gebruik dat zich vervolgens over Europa en Noord-Amerika verspreidde.
Tegenwoordig is de kerstboom een universeel feestelijk symbool, vaak versierd met lichtslingers, kerstballen en andere ornamenten. Hij is in veel huizen over de hele wereld een vast onderdeel van de kerstviering geworden.