-
ADA005
De keuze van Matthias
Analyse van Handelingen 1:15-26, waarin de verkiezing van Matthias als vervanger van Judas Iskariot wordt beschreven. Petrus, de natuurlijke woordvoerder van de discipelen, baseert de noodzaak van deze vervanging op de Psalmen. De criteria voor het apostelschap worden nader omschreven: Jezus moeten hebben gevolgd vanaf zijn doop en getuige moeten zijn geweest van zijn opstanding. Matthias wordt uiteindelijk na gebed door loting aangewezen, waarmee het college van de Twaalf, symbool van de twaalf stammen van Israël, weer compleet is.
Mattheüs 27.3-10 (De Heilige Schrift 1917) :Toen heeft Judas, dien Hem verraden had, ziende, dat Hij veroordeeld was, berouw gehad, en heeft de dertig zilveren penningen den overpriesters en den ouderlingen wedergebracht,Zeggende: Ik heb gezondigd, verradende het onschuldig bloed! Maar zij zeiden: Wat gaat ons dat aan? Gij moogt toezien.En als hij de zilveren penningen in den tempel geworpen had, vertrok hij, en heengaande verworgde zichzelven.En de overpriesters, de zilveren penningen nemende, zeiden: Het is niet geoorloofd, dezelve in de offerkist te leggen, dewijl het een prijs des bloeds is.En te zamen raad gehouden hebbende, kochten zij daarmede den akker des pottenbakkers, tot een begrafenis voor de vreemdelingen.Daarom is die akker genaamd de akker des bloeds, tot op den huidigen dag.Toen is vervuld geworden, hetgeen gesproken is door den profeet Jeremia, zeggende: En zij hebben de dertig zilveren penningen genomen, de waarde des Gewaardeerden van de kinderen Israels, Denwelken zij gewaardeerd hebben;En hebben dezelve gegeven voor den akker des pottenbakkers; volgens hetgeen mij de Heere bevolen heeft.De Heilige Schrift 1917, publiek domein — tekst: eBible.org