• De eerste confrontatie tussen Mozes en Farao

    Het artikel onderzoekt hoe de eerste confrontatie tussen Mozes en Farao, vóór de tien plagen, een botsing van soevereiniteiten tussen Jahweh en de Egyptische goden symboliseert. Mozes daagt het gezag van Farao uit en onthult zo een strijd om erkenning van het goddelijke, en legt de basis voor het komende oordeel. Deze ontmoeting werpt licht op het goddelijke verlossingsproces dat door het woord is begonnen, en benadrukt de asymmetrie van Gods macht tegenover menselijke aanmatiging.

    Exodus 5.1-5 (De Heilige Schrift 1917) :
    En daarna gingen Mozes en Aaron heen, en zeiden tot Farao: Alzo zegt de HEERE, de God van Israel: Laat Mijn volk trekken, dat het Mij een feest houde in de woestijn!Maar Farao zeide: Wie is de HEERE, Wiens stem ik gehoorzamen zou, om Israel te laten trekken? Ik ken den HEERE niet, en ik zal ook Israel niet laten trekken.Zij dan zeiden: De God der Hebreen is ons ontmoet; zo laat ons toch heentrekken, den weg van drie dagen in de woestijn, en den HEERE, onzen God, offeren, dat Hij ons niet overkome met pestilentie, of met het zwaard.Toen zeide de koning van Egypte tot hen: Gij, Mozes en Aaron! waarom trekt gij het volk af van hun werken? Gaat heen tot uw lasten.Verder zeide Farao: Ziet, het volk des lands is alreeds te veel; en zoudt gijlieden hen doen rusten van hun lasten?
    Verder lezen