• De mannen die de Messias Jezus willen volgen

    Lucas 9.57-62 stelt drie mannen voor die de Messias Jezus willen volgen, ieder met een voorwaarde of een aarzeling. Jezus antwoordt met een oproep tot afstand van materieel comfort, tot de voorrang van het Koninkrijk boven de gezinsplichten en tot een vastberadenheid zonder omkijken. Deze passage, die alleen bij Lucas voorkomt, speelt tijdens de reis door Samaria naar Jeruzalem en is een radicale oproep tot een volledige en compromisloze toewijding aan de Messias.

    Lukas 9.57-62 (De Heilige Schrift 1917) :
    En het geschiedde op den weg, als zij reisden, dat een tot Hem zeide: Heere, ik zal U volgen, waar Gij ook heengaat.En Jezus zeide tot hem: De vossen hebben holen, en de vogelen des hemels nesten; maar de Zoon des mensen heeft niet, waar Hij het hoofd nederlegge.En Hij zeide tot een anderen: Volg Mij. Doch hij zeide: Heere, laat mij toe, dat ik heenga, en eerst mijn vader begrave.Maar Jezus zeide tot hem: Laat de doden hun doden begraven; doch gij, ga heen en verkondig het Koninkrijk Gods.En ook een ander zeide: Heere, ik zal U volgen; maar laat mij eerst toe, dat ik afscheid neme van degenen, die in mijn huis zijn.En Jezus zeide tot hem: Niemand, die zijn hand aan den ploeg slaat, en ziet naar hetgeen achter is, is bekwaam tot het Koninkrijk Gods.
    Verder lezen